Vóór eIDAS had elke lidstaat van de Europese Unie zijn eigen regelgeving over elektronische handtekeningen, wat een juridische fragmentatie creëerde die grensoverschrijdend verkeer afremde. Een elektronische handtekening die in Frankrijk geldig was, werd niet noodzakelijk in Duitsland of Spanje erkend.
De verordening (EU) nr. 910/2014, genaamd eIDAS (Electronic IDentification, Authentication and trust Services), werd aangenomen op 23 juli 2014 en werd van toepassing op 1 juli 2016. Als verordening (en niet als richtlijn) is zij rechtstreeks en uniform van toepassing in de 27 lidstaten, zonder noodzakelijke nationale omzetting.
eIDAS streeft drie hoofddoelen na: een digitale interne markt creëren in Europa dankzij de wederzijdse erkenning van elektronische identiteiten, de juridische zekerheid van grensoverschrijdende elektronische transacties garanderen, en een vertrouwenskader invoeren voor digitale diensten via gekwalificeerde vertrouwensdienstverleners (QTSP — Qualified Trust Service Provider).