Naar hoofdinhoud gaan
Certyneo

Onderaannemingsovereenkomst – model bouw/BTP

Gratis
Aanpasbaar
Elektronische ondertekening

Presentatie

De onderaannemingsovereenkomst regelt de relatie tussen een hoofdaannemer en een onderaannemer bij de uitvoering van bouw- of installatiewerken. De hoofdaannemer blijft ten aanzien van de bouwheer verantwoordelijk voor het geheel van de werken, maar besteedt een specifiek onderdeel uit aan een onderaannemer die als zelfstandige onderneming optreedt. Contractueel steunt deze overeenkomst op de algemene regels inzake aanneming van werk uit Boek 5 van het nieuw Burgerlijk Wetboek. Hoofdelijke aansprakelijkheid voor sociale en fiscale schulden: dit is het belangrijkste aandachtspunt bij onderaanneming in België. Krachtens artikel 30bis van de RSZ-Wet van 27 juni 1969 is de hoofdaannemer die werkzaamheden laat uitvoeren door een onderaannemer met sociale schulden, hoofdelijk aansprakelijk voor die schulden. Vóór elke betaling moet de hoofdaannemer via de onlinetool van de RSZ (Check Obligations / de raadpleging van de schuldenstatus en de registratieplicht van de onderaannemer) nagaan of deze schulden heeft openstaan. Is dat het geval, dan is de hoofdaannemer verplicht om 35% van het factuurbedrag (exclusief btw) in te houden en door te storten aan de RSZ. Artikel 30ter van dezelfde wet voorziet een gelijkaardige inhoudingsplicht van 15% met betrekking tot fiscale schulden (bedrijfsvoorheffing) van de onderaannemer. Het niet naleven van deze inhoudingsplicht maakt de hoofdaannemer zelf hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van zijn onderaannemer, ongeacht enige contractuele afspraak tussen partijen. Aansprakelijkheidsketen in de bouwsector: de wet van 4 december 2020 tot wijziging van de wet van 20 maart 1991 houdende erkenning van aannemers van werken en het Waarborg- en sociaal fonds bouw versterkt deze keten van verantwoordelijkheid: elke schakel in de onderaannemingsketen kan mee aansprakelijk worden gesteld voor tekortkomingen verderop in de keten, wat het des te belangrijker maakt om de erkenning en de administratieve toestand van elke onderaannemer vooraf te controleren. Erkenning van aannemers: voor werken die onder de reglementering van overheidsopdrachten vallen, of wanneer de opdrachtgever dit vereist, moet de onderaannemer beschikken over de vereiste erkenning conform het Koninklijk Besluit van 26 september 1991 betreffende de erkenning van aannemers van werken. Deze erkenning wordt toegekend per categorie en klasse van werken en dient in de overeenkomst uitdrukkelijk te worden vermeld wanneer van toepassing. Verhouding tot de Wet Breyne: dit model betreft een zuiver B2B-onderaanneming tussen aannemer en onderaannemer. De Wet Breyne (wet van 9 juli 1971 tot bescherming van de eigendomsverwerving bij het bouwen of kopen van woningen) beschermt de particuliere bouwheer in zijn rechtstreekse relatie met de hoofdaannemer of bouwpromotor en is in de regel niet van toepassing op de onderaannemingsrelatie zelf; het is niettemin aan te raden om de verplichtingen van de hoofdaannemer ten aanzien van de bouwheer te weerspiegelen in de onderaannemingsovereenkomst wanneer de opdracht onder de Wet Breyne valt. Partijen: de hoofdaannemer (die het geheel van de werken aanneemt ten aanzien van de bouwheer) en de onderaannemer (die een specifiek deel van de werken uitvoert). Essentiële bedingen: de beschrijving van de uitbestede werken, de projectlocatie, de prijs en betalingstermijn, de uitvoeringstermijn, de eventuele waarborgen (uitvoeringswaarborg, tienjarige aansprakelijkheid), de verklaring omtrent het RSZ-attest en de registratieplicht, en de erkenning van de onderaannemer indien vereist. Veelgemaakte fouten: het niet raadplegen van de RSZ-tool vóór betaling (met het risico op hoofdelijke aansprakelijkheid tot gevolg), het ontbreken van een duidelijke omschrijving van de uitvoeringstermijn en de gevolgen van vertraging, en het over het hoofd zien van de vereiste erkenning bij overheidsopdrachten.

Informatie om aan te passen

  • Naam of firmanaam van de hoofdaannemer

  • Ondernemingsnummer van de hoofdaannemer

  • Naam of firmanaam van de onderaannemer

  • Ondernemingsnummer van de onderaannemer

  • Erkenningscategorie en -klasse van de onderaannemer (indien vereist)

  • Beschrijving van de uitbestede werken

  • Locatie van de werf / het project

  • Overeengekomen prijs (excl. btw)

  • Betalingstermijn

  • Uitvoeringstermijn van de werken

  • Overeengekomen waarborgen (uitvoeringswaarborg, tienjarige aansprakelijkheid, ...)

  • Verklaring omtrent RSZ-attest en registratieplicht van de onderaannemer

Personaliseer uw sjabloon

Ondertekenaar

Veelgestelde vragen

Wat betekent hoofdelijke aansprakelijkheid voor de sociale schulden van de onderaannemer?
Op grond van artikel 30bis van de RSZ-Wet van 27 juni 1969 kan de hoofdaannemer mee aansprakelijk worden gesteld voor de sociale schulden van zijn onderaannemer wanneer hij vóór betaling niet heeft nagegaan of deze schulden had openstaan. Daarom is de raadpleging van de RSZ-tool vóór elke betaling essentieel.
Wat houdt de inhoudingsplicht van 35% en 15% precies in?
Wanneer blijkt dat de onderaannemer sociale schulden heeft, moet de hoofdaannemer 35% van het factuurbedrag (exclusief btw) inhouden en doorstorten aan de RSZ (art. 30bis). Voor fiscale schulden geldt een gelijkaardige inhoudingsplicht van 15% met betrekking tot de bedrijfsvoorheffing (art. 30ter). Wie deze inhouding nalaat, wordt zelf hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld.
Is een erkenning als aannemer altijd vereist voor de onderaannemer?
Niet altijd. De erkenning conform het Koninklijk Besluit van 26 september 1991 is vooral vereist voor werken die onder de reglementering van overheidsopdrachten vallen, of wanneer de opdrachtgever dit uitdrukkelijk verlangt. Voor zuiver private werken is dit doorgaans niet verplicht, maar wel aan te raden als kwaliteitswaarborg.
Is de Wet Breyne van toepassing op deze onderaannemingsovereenkomst?
In principe niet rechtstreeks: de Wet Breyne beschermt de particuliere bouwheer in zijn relatie met de hoofdaannemer of bouwpromotor, niet de relatie tussen hoofdaannemer en onderaannemer. Wanneer het project wel onder de Wet Breyne valt, is het aan te raden de verplichtingen van de hoofdaannemer ten aanzien van de bouwheer te weerspiegelen in deze overeenkomst.
Wat gebeurt er bij vertraging in de uitvoering van de werken door de onderaannemer?
De overeenkomst kan voorzien in vertragingsboetes of schadevergoeding bij vertraging die aan de onderaannemer te wijten is. Bij ernstige of aanhoudende vertraging kan de hoofdaannemer bovendien de overeenkomst ontbinden, onverminderd het recht op schadevergoeding.

Informatie over dit sjabloon

Laatste update
31 août 2026
Land
BE
Juridische kennisgeving
Dit model wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en moet worden aangepast aan uw situatie. Het vormt geen persoonlijk juridisch advies.